Als AI de eenvoudige taken overneemt, blijft vaak het lastigere werk over. Organisaties die daar niet op sturen, lopen het risico dat werk juist intensiever wordt, terwijl de instroom van nieuw talent onder druk komt te staan. Volgens Maryann Abbajay, Chief Revenue Officer bij SAP SuccessFactors, krijgt dat effect van AI op de inrichting van werk te weinig aandacht.
Tijdens HR Connect 2026 in Maarssen waarschuwde zij dat organisaties AI nog te vaak als technologieproject zien, terwijl het direct raakt aan de inrichting van werk. “De meeste functies bestaan uit een mix van routinetaken en meer strategische taken. Het doel is dat AI veel van die routinetaken overneemt, zodat mensen zich meer kunnen richten op het strategische werk.”
Maar juist daardoor worden de overblijvende taken vaak zwaarder. Ook TNO wijst erop dat generatieve AI naast productiviteitswinst kan leiden tot hogere mentale belasting en meer cognitieve druk op het werk.
Heroverwegen wat vanzelfsprekend lijkt
Abbajay noemt dat een reële zorg. “We zullen onze manier van werken echt moeten heroverwegen. Misschien betekent dat op termijn zelfs dat we opnieuw moeten kijken naar hoe een werkweek eruitziet. We moeten veel dingen herzien die we lang als vanzelfsprekend hebben gezien.”
Dat raakt ook direct aan de manier waarop organisaties nieuw talent laten instromen. Veel starters beginnen juist met routinematige taken, leren daarvan de praktijk kennen en bouwen van daaruit ervaring op. Als AI die taken overneemt, ontstaat een nieuw vraagstuk. “Hoe haal je jonge mensen van de universiteit of hogeschool binnen? Wat geef je hun nog te doen als al die taken die ze normaal oppakken, wegvallen?”
Meer output is niet automatisch meer waarde
Volgens Abbajay zit een tweede risico in de manier waarop organisaties AI inzetten. Meer output of meer informatie is niet automatisch beter. Als inzichten niet goed worden aangeboden of medewerkers overspoelen, kan AI juist extra druk veroorzaken in plaats van verlichting geven. “Je kunt met AI ineens veel meer informatie krijgen. Maar als die niet op een slimme manier wordt aangeboden en niet tot betere inzichten leidt, heb je er weinig aan. Sterker nog: het kan juist extra stress opleveren.”
Juist daarom moeten organisaties soms bewust vertragen, zegt ze. Zeker als de technologie sneller wordt ingevoerd dan de organisatie aankan. “Soms heb je een CEO die terugkomt van een conferentie en zegt: we moeten iets met AI. Maar je moet het wel verantwoord implementeren.” Daarbij hoort volgens haar meer dan technologie alleen. Ook employee engagement, communicatie en de manier waarop werk verandert, moeten vanaf het begin worden meegenomen.
HR wordt bepalend voor hoe AI op de werkvloer landt
Daarmee komt HR nadrukkelijker in beeld. Volgens Abbajay is die functie al sinds de coronaperiode strategischer geworden. In die periode wilden bestuurders ineens weten hoeveel mensen ze hadden, waar die werkten, welke vaardigheden ze hadden en of het werk op afstand door kon gaan. “CEO’s belden ineens rechtstreeks met de CHRO. Workforce management werd opeens een kritieke functie.”
In het AI-tijdperk wordt die rol alleen maar belangrijker. HR moet niet alleen processen digitaliseren, maar ook helpen bepalen hoe werk opnieuw wordt verdeeld, welke vaardigheden nodig zijn en waar menselijke controle noodzakelijk blijft. Dat geldt bijvoorbeeld voor recruitment, waar AI snel verschil kan maken, maar waar ook bias op de loer ligt. “Daar moet altijd menselijke controle op blijven, zodat je zeker weet dat het goed gaat.”
Technologie als SAP SuccessFactors kan daarbij helpen, zegt Abbajay. Niet alleen om HR-processen te ondersteunen, maar ook om medewerkers meer regie te geven over hun eigen loopbaan. Loopbanen worden minder lineair en zijwaartse stappen worden belangrijker. “Medewerkers sturen hun loopbaan steeds meer zelf. Dan heb je ook een systeem nodig dat die keuzes ondersteunt.” Dat vraagt om beter inzicht in vaardigheden, ambities en mobiliteit.
AI-vaardigheden worden een nieuwe scheidslijn
Volgens Abbajay zal AI ook steeds meer verschil maken tussen medewerkers die zich die nieuwe manier van werken eigen maken en medewerkers die achterblijven. Prompting, werken met agents en begrijpen hoe AI-tools functioneren, worden belangrijker op de arbeidsmarkt. SAP investeert daarom zelf ook in trainingen rond AI-vaardigheden.
Haar advies aan jonge professionals is duidelijk: begin nu. Tegelijk ziet Abbajay dat AI bij veel HR-professionals ook onzekerheid oproept. De angst is vaak dat er minder HR-mensen nodig zullen zijn. Toch kijkt zij daar anders naar. “Ik zie het juist andersom. Ik denk dat zij meer van het interessante en strategische werk kunnen gaan doen, in plaats van alle routinetaken die ze nu nog doen omdat er nog geen AI was om dat over te nemen.”
Optimisme is niet achteroverleunen
Die optimistische blik betekent volgens haar niet dat organisaties achterover kunnen leunen. De echte vraag is niet meer alleen wat AI kan automatiseren, maar wat dat betekent voor de kwaliteit van werk, voor de mensen die dat werk doen en voor de manier waarop organisaties talent aantrekken en behouden. “We weten dat dingen gaan veranderen. Maar ik denk dat die verandering positief kan uitpakken, als we over de angst heen stappen die er nu in de markt leeft.”






0 Reacties